De Griekse krachtmeting en de dringende nood aan een strategisch debat binnen links

greece2014De tijdelijke «oplossing» van de Griekse crisis (in werkelijkheid een crisis van de Europese Unie) door een ongezien wrede aanval gericht tegen de werkers, een neokoloniale plundering van hun land en het onder curatele plaatsen van hun instellingen, is een feit van groot belang. Het feit dat deze « oplossing » aanvaard werd door de leidende groep rond Alexis Tsipras van Syriza, ondanks een massale stemming tegen de soberheid die tot uiting kwam tijdens het referendum dat georganiseerd werd door dezelfde regering, interpelleert op brutale wijze het geheel van de linkerzijde die strijdt voor een alternatief voor de neoliberale soberheid.

Door een indrukwekkende versnelling van de geschiedenis, staat heel deze linkerzijde – met inbegrip van Griekenland: de linkervleugel van Syriza laat zich niet doen – plots voor een strategisch debat van het grootste belang: hoe de sociale en politieke strijd vorm geven? Wat te doen op het nationale zowel als op het Europese niveau? Welke houding tegenover de Euro en de Europese Unie? Welke politieke/institutionele perspectieven naar voor schuiven? In dit levensbelangrijke debat voor de overleving van links, wil de SAP onderstaande stellingen naar voor schuiven.

  1. De Griekse ervaring – de overwinning van een anti-soberheidspartij als alternatief voor de sociaaldemocratie; overwinning die zes maanden later uitdraait op een nieuwe soberheidskuur die nog wreder is dan de vorige – verplicht allen ter linkerzijde en in de arbeidersbeweging ertoe zich bewust te worden van het enorme obstakel dat gevormd wordt, niet enkel door de Euro, maar ook door de Europese Unie (EU). De EU is geen kracht van de vrede, de vooruitgang en de democratie: het is een geheel van despotische instellingen en van regels die helemaal toegesneden zijn op het dienen van het kapitalistisch project van de grote industriële en financiële groepen. Deze willen de sociale en democratische verworvenheden uitwissen om de interkapitalistische concurrentie aan te gaan in de wereldwijde arena.
  2. Als dit derde memorandum erdoor komt, zal de nederlaag die daarbij geleden worden door de uitgebuitenen en onderdrukten van Griekenland in de eerste plaats het resultaat zijn van de lafheid van traditionele leidingen van de arbeidersbeweging en van de linkerzijde (politiek en syndicaal) in de rest van Europa, van hun gebrek aan actie en zelfs van hun schandelijke medeplichtigheid met de Trojka, gevolg van de decennialange medewerking aan «het Europees project» vanwege de sociaal- en christendemocratie en van het Europees Vakverbond (EVV). Deze nederlaag zal tegelijkertijd ook het gevolg zijn van de politieke strategie van de leiding van Syriza, die steunt op de fatale illusie dat een compromis mogelijk is binnen het kader van de Europese Unie en van de Euro. Inderdaad, het is deze illusie die Tsipras ertoe gebracht heeft de wil van het Griekse volk, duidelijk uitgedrukt in het referendum (dat Tsipras zelf uitgeroepen heeft!), te slachtofferen op het altaar van het «respect» voor deze instellingen en van de «zin voor verantwoordelijkheid» tegenover hun «stabiliteit».
  3. De wreedheid van de soberheid die opnieuw wordt opgelegd aan het Griekse volk is op het niveau van de angst voor de heersende klassen van Europa. Angst tegenover de overwinning van Syriza en tegenover het uiteenvallen van de Griekse sociaaldemocratie en bijgevolg ook tegenover de afwezigheid van een beheersbare politieke oplossing voor de bourgeoisie. Angst tegenover het risico voor besmetting in Europa, in de eerste plaats in Spanje met Podemos. Angst vooral tegenover de fantastische volksmobilisatie die geleid heeft tot de overwinning van het Nee-kamp tijdens het referendum en die dreigt aan deze besmetting een oncontroleerbare dynamiek te geven.
  4. Het bewijs is geleverd dat een sociale, democratische en ecologische politiek niet waargemaakt kan worden zonder te raken aan de EU. Het alternatief is niet een terugplooi op de natiestaten – een weg zonder ander uitzicht dan de terugkeer van de oorlog tussen de Europese machten – maar een gevecht van lange adem dat gericht is op het verlammen en daarna het breken van de EU, zodat de volkeren de handen vrij krijgen om een heel andere structuur op poten te zetten: de Verenigde Socialistische staten van Europa.
  5. Vooruitgaan in de richting van een ander Europa (dus via een grondwetgevende vergadering van de Europese volkeren) betekent ook het onmiddellijk coördineren van de strijdbewegingen tegen de soberheid. Dergelijke coördinatie botst niet alleen op de politiek van de traditionele organisaties, maar ook op grote ongelijkheden in zake het ritme, op het verschil in de toestand van verschillende landen en op de verdeeldheid tussen de landen – die de Europese Unie nog op pookt en die de eenheidsmunt nog verdiept door het stimuleren van de internationale arbeidsdeling en van de ongelijke ontwikkeling in de schoot van Europa zelf. De actie van een linkse regering in een land, dient dan ook een weg te zoeken die de internationale solidariteit en de volksmobilisaties bevoordeelt op basis van het weigeren van de soberheid en van het despotisme. Zij dient zich eveneens te richten op het scheppen van voorwaarden voor de strijd, die zich moet uitstrekken over een groter geheel van landen, samenvloeiend, zich coördinerend en ervoor zorgend dat de EU en de Eurozone meer en meer onregeerbaar worden.
  6. Uit de Euro stappen is op zichzelf geen voldoende voorwaarde om te kunnen breken met de soberheid (het bewijs is Groot-Brittannië). Toch is het duidelijk een noodzakelijke voorwaarde, in het geval van Griekenland, voor de landen aan de rand (de ‘periferie’) van Europa en voor al diegenen die zich niet in de kern van de Eurozone bevinden.
  7. De noodzaak om te breken met de Euro betekent niet dat van de uitstap uit de Euro de centrale as van een alternatief programma moet worden gemaakt. Zelfs in Griekenland, waar de vraag zich nochtans op brutale en onmiddellijke wijze opdringt, moet de centrale as van het alternatief programma bestaan uit het afwijzen van elke soberheid («geen opofferingen voor de Euro») en van het toepassen van een sociale, ecologische, antikapitalistische en democratische politiek, die onmiddellijk het bestaan verbetert van de werkers, de jongeren, de vrouwen, de slachtoffers van het racisme en van de boeren.
  8. Van de uitstap uit de Euro de centrale as van het alternatief maken, betekent nodeloos stoten op het zeer algemene idee dat de munt slechts een technisch «neutraal» middel zou zijn dat ruilen mogelijk maakt, terwijl het toch ook een kristallisering is van een sociale verhouding. Van de uitstap uit de Euro (of uit de EU) het strijdpunt maken, zou ook betekenen het spel spelen van rechts en extreemrechts, door de illusie te verspreiden dat een harmonieuze sociale, economische en ecologische ontwikkeling mogelijk is binnen het nationale kader. Deze illusie ondermijnt de internationalistische solidariteit. Terwijl deze cruciaal is, niet alleen voor de strijd in Griekenland, maar ook omdat de integratie van de economieën op het continent een antikapitalistisch Europees perspectief nodig heeft om tegemoet te kunnen komen aan de sociale noden en om te beantwoorden aan de ecologische dringendheid.
  9. In de huidige conjunctuur, die niet (pre)revolutionair is, noodzaakt het onverzettelijk en totaal weigeren van elke soberheid, het onbuigzaam eisen van een democratische politiek en van respect voor de soevereine volkswil, dat concrete maatregelen van zelfverdediging tegen de kapitalistische sabotage in binnen- en buitenland genomen moeten worden – zoals de nationalisatie van de banken, het instellen van kapitaalcontroles,  een vermogenskadaster en vermogensbelasting, de opschorting van de schuldaflossingen en hun annulering en de instelling van arbeiderscontrole in de bedrijven. Dergelijke maatregelen zijn een conditio sine qua non om de gestelde doelen te kunnen bereiken.
  10. De oplossing voor de huidige toestand kan niet gevonden worden door het uitwerken van een «plan B», onder de vorm van een catalogus van min of meer technische maatregelen – dit veronderstelt per definitie het bestaan van een «plan A» van behoud van de Euro. Zij kan gevonden worden in een sociale strategie die toegespitst is op de verovering van de ideologische hegemonie door een blok dat de onderdrukten en uitgebuitenen verzamelt (de werkers, de vrouwen, de jongeren, de kleine boeren, de mensen zonder papieren en de slachtoffers van het racisme), gericht op een massale confrontatie met de kapitalistische logica en met de Europese instellingen die deze logica belichamen.
  11. Een strategie die helder en zonder zwakte uitdraagt dat zij wil doorgaan tot aan de breuk, zonder angst voor de institutionele crisis die dat zal uitlokken op het vlak van de EU, zonder angst voor het verlies aan geloofwaardigheid die daardoor voortvloeit voor het zogenaamde « Europees project » of «de stabiliteit van de Euro», staat toe om over te gaan van het defensief naar het offensief, aangezien zij de massamobilisatie van de uitgebuitenen en onderdrukten in de kaart speelt. De week van mobilisatie voor het NEE in het referendum in Griekenland, heeft aangetoond welke enorme sociale energie er op deze wijze vrij gemaakt kan worden en welke aantrekkingskracht zo kan uitgeoefend worden op de werkers, de vrouwen en de jeugd in Europa en in de wereld.
  12. De tegenstander is niet «Duitsland», maar wel het kapitalisme en haar instellingen, in de eerste plaats deze van de Europese Unie. De Euro is niet de munt die Duitsland oplegt aan Europa, maar wel de munt die het Europees kapitaal nodig heeft om haar wisselkosten te verminderen, om haar financiën te versterken en om te kunnen beschikken over een grote markt voor haar multinationale ondernemingen. Het neoliberalisme is geen Duits dogma dat voortkomt uit de lutheraanse ideologie of uit het verleden van Nazi-Duitsland. Het neoliberalisme is de enige reëel bestaande vorm van een internationaal kapitalisme dat zich geplaatst weet tegenover een dubbele, sociale en ecologische impasse. Het Duitse overwicht in de Europese Unie is geen nationaal overwicht, maar wel een overwicht van het kapitaal, waar de Duitse werkers evengoed slachtoffer van zijn. Laten we onszelf behoeden voor demagogische uitdrukkingen die onze aandacht afleiden van de werkelijke tegenstrever. Het alternatief is niet «een front van democraten» tegen Duitsland, maar wel een front van onderdrukten en uitgebuitenen tegen het kapitaal en haar instellingen. Het Belgisch patronaat, de Belgische banken en de Belgische regering, net zoals haar voorgangers met «socialistische» deelname, hebben als het hen uitkwam evenzeer actief de sociale oorlog gesteund tegen de Griekse volksklassen.
  13. De strategie die wij voorstellen, vereist een herschikking van de arbeidersbeweging en van de linkerzijde, zowel op het politieke als op het syndicale terrein. Deze twee dimensies zijn onafscheidelijk. Aan de ene kant omdat de massale werkloosheid, het obstakel van de Europese instellingen en van de totale en onherroepelijke omvorming van de sociaaldemocratie in sociaalliberalisme, de opbouw van nieuwe partijen aan de linkerkant van de sociaaldemocraten en de groenen meer dan ooit onmisbaar is. Aan de andere kant omdat de groeiende hardheid van de strijd die gevoerd moet worden een fundamentele sociale mobilisatie noodzakelijk maakt, dus de opbouw van sociale bewegingen die democratisch georganiseerd zijn, met actieve betrokkenheid van de werkers en de jongeren op het werk en in de wijken. In dat kader neemt de herovering van de vakbonden door de leden een strategische plaats in, net zoals de strijd tegen foutieve opvattingen, die «syndicale onafhankelijkheid» verwarren met «apolitiek optreden».
  14. De strijd gaat voort, in een gedeeltelijk nieuwe context. Op het ogenblik waarop deze lijnen geschreven worden, is de uitkomst onzeker. Als de Trojka haar slag thuishaalt, zal dat ten koste zijn van een diepgaand diskrediet van de EU in het algemeen en van haar Duitse locomotief in het bijzonder. Zonder ook maar iets op te lossen aan de Griekse crisis, op lange noch op korte termijn, met name aan de schuldencrisis, wordt de Euro aan het wankelen gebracht. In Griekenland staat een nieuwe herschikking van de linkervleugel der linkerzijde op de dagorde, ten einde een alternatief te kunnen bieden voor de poging een «nationale eenheid» in het parlement te vormen rond het ‘ja’ aan het Diktat. Meer dan ooit komt het erop aan een groeiende solidariteit te ontwikkelen met de werkers en de jongeren van Griekenland. Overal gaat het erom de strijd tegen de soberheid te hernemen en te radicaliseren, voor een politieke uitdrukking van deze strijd, die de lessen trekt uit de Griekse ervaring.
  15. Laat ons vooral ook die lessen trekken in België, want de parallel is duidelijk tussen de strategie van Tsipras («een referendum om beter te kunnen onderhandelen») en de strategie van onze syndicale apparaten (« een actieplan om overleg te kunnen openen »). De Griekse nederlaag toont ons waar dergelijke «verantwoordelijke» strategie toe leidt, zolang we er niet in lukken om onze organisaties van koers te doen veranderen.
Print Friendly, PDF & Email
Share This