Feministes nemen het voortouw

In vergelijking met vorige jaren waren de mobilisaties voor Internationale Vrouwendag op 8 maart groter en veelvuldiger. Er werd voor opgeroepen door een internationale coördinatiegroep. Penelope Duggan van International Viewpoint sprak over de bredere betekenis van deze mobilisaties met Cinzia Arrruzza, een van de organisatoren van de Vrouwenstaking in de VS en een bekende marxistisch feministe, schrijfster en activiste.

Na 21 januari heb je een artikel geschreven met als titel Vrouwenmarsen: van protest tot beweging? Wat denk jij, is wat we nu zien, een beweging? In de VS? Op wereldvlak?

Vorige zomer is mij dezelfde vraag gesteld en ik heb daar toen negatief op geantwoord. Ik ben heel blij dat ik nu een ander antwoord kan geven: ja, ik denk dat we getuige zijn van de geboorte van een nieuwe feministische beweging op internationaal vlak. Dat betekent natuurlijk niet dat er overal een feministische beweging bestaat. De oproep voor een Internationale Vrouwenstaking is in vijftig landen gevolgd maar de deelname aan de staking was ongelijk in verschillende landen: de grootste demonstraties zagen we in Polen, Argentinië, Spanje, Ierland en Turkije.

In andere landen kreeg de staking veel aandacht in de media en konden we de eerste stappen zien van de heropbouw van een sterke en brede antikapitalistische feministische stroming en mobilisatie. Dit is bijvoorbeeld het geval in de Verenigde Staten, met in New York 7.000 deelnemers aan de mars, een van de grootste bij een betoging op een duidelijk radicaal platform. Het feit dat dit een internationaal geplande en gecoördineerde mobilisatie was, is erg belangrijk. Iets dergelijks en van deze omvang hebben we niet meer meegemaakt sinds de antiglobaliseringsbeweging in het begin van de jaren 2000.

Een kameraad uit Mexico antwoordde al voor 8 maart positief op de vraag of er een nieuwe beweging geboren was. Was hij te snel?

Voor 8 maart was er al een basis aanwezig voor een positief antwoord, gezien de imposante vrouwenstakingen in Polen en Argentinië in oktober en de grote betoging in november in Italië. Er waren dus al vóór de Internationale Vrouwendag signalen aanwezig en die zijn bevestigd door de deelname aan de staking.

Eind jaren ‘60, begin jaren ’70 spraken we over een ‘golf’ van de vrouwenbeweging omdat het hier ging over een kracht overal in de wereld, waarbij vrouwen hun eisen op de politieke agenda zetten zodat regeringen hierop een antwoord moesten geven. Zouden we volgens jou een zelfde kracht kunnen zien, ondanks de over het algemeen defensieve situatie?

Op het vlak van het discours, heeft deze mobilisatie al krachtige gevolgen voor het herdefiniëren van de politieke prioriteiten en in sommige landen zijn al belangrijke overwinningen behaald, zoals in Polen. We zitten natuurlijk in een defensieve situatie, maar juist om die reden is deze nieuwe feministische beweging zo belangrijk. Ze zou als een ontsteker kunnen werken voor bredere sociale bewegingen en er dan ook voor zorgen dat vrouweneisen en vrouwenstemmen centraal blijven. Dat zou een grote prestatie zijn.

De afgelopen 40 jaar was er natuurlijk wel feministische activiteit. Maar die was fragmentarischer en werkte in vele gevallen via geïnstitutionaliseerde kanalen (regeringen, NGO’s) of het waren vooral individuele vormen van protest ondanks alle inspanningen zoals die van de Wereld Vrouwenmars. Dit alles speelde zich af in de algemene context van het postmodernisme vanaf de jaren ’90. Zijn we dit nu aan het overstijgen door meer collectieve actievormen? Kunnen we daarom nu spreken van een mogelijke nieuwe golf?

Deze mobilisaties tonen een nieuw groeiend bewustzijn van de noodzaak om opnieuw solidariteit uit te bouwen en over collectieve actie als de enige manier om ons te verdedigen tegen de voortdurende aanvallen op onze lichamen, onze vrijheid, ons zelfbeschikkingsrecht maar ook tegen het imperialistische en neoliberale beleid. Bovendien werkt dit als tegengif tegen de neoliberale interpretatie van het feminisme in theorie en in de praktijk.

Maar dit betekent niet dat we, door het ‘postmoderne’ individualisme of een bepaalde identiteitspolitiek te overwinnen, moeten terugkeren naar de jaren zestig. Terugkeren is nooit een goede keuze, zoals Marx ons leerde. De laatste decennia is er een groter bewustzijn gegroeid over de verschillen in sociale situaties bij cis- of trans-vrouwen, afhankelijk van klasse, etniciteit, ras, leeftijd, situatie van handicap en seksuele oriëntatie.

Het nieuwe feminisme staat voor de vraag, hoe deze verschillen in actievormen, organisatievormen en eisen niet onzichtbaar te maken, maar er in tegendeel ernstig rekening mee te houden. Deze diversiteit moet ons wapen zijn in plaats van iets dat ons verdeelt. Maar om dat te kunnen, moeten we de meest onderdrukte cis- en trans-vrouwen zichtbaarheid, een stem en een centrale rol geven.

De enige manier om een echte universele politiek te voeren, is juist niet door abstractie te maken van de verschillen, maar door ze samen te combineren tot een meer allesomvattende kritiek op de kapitalistische en hetero – patriarchale sociale relaties. Elk politiek subject dat zich baseert op specifieke onderdrukking, kan ons nieuwe inzichten geven in de verschillende manieren waarop kapitalisme, racisme en seksisme onze levens beïnvloeden.

Het zelfbeschikkingsrecht van de vrouw en de strijd tegen geweld lijken nu meer centrale thema’s dan bijvoorbeeld de rechten van vrouwen als arbeidsters. Er zijn vakbonden die activiteiten hebben rond vrouwenrechten en ook vakbonden die opriepen voor stakingen op 8 maart. Dat was het geval in Frankrijk, waar de vakbonden CGT en SUD opriepen om te staken vanaf 15.40 uur om de loonkloof tussen vrouwen en mannen aan te klagen. Denk je dat vrouwen nu eerder mobiliseren rond lokale onderwerpen of in hun gemeenschappen dan op de werkvloer?

Nee, ik denk integendeel dat deze nieuwe feministische beweging juist vrouwen niet simpelweg als vrouwen zichtbaar maakt en aanspreekt, maar als arbeidsters. Het is niet toevallig dat het woord ‘staking’ is gebruikt voor 8 maart. In een aantal landen waren er specifieke nationale platforms die benadrukten dat geweld tegen vrouwen niet alleen een persoonlijke kwestie is of gaat om huiselijk geweld, maar dat het ook gaat om het kruipende geweld van de kapitalistische markt, het geweld van het racisme, van islamofobie, van het immigratiebeleid en van oorlogen.

Wij mobiliseren vrouwen als vrouwen en als arbeidsters: dit was een van de krachtigste boodschappen van deze 8 maart. Het gaat niet om een keuze. Daarom hebben wij in de VS de slogan ‘het feminisme voor de 99%’ naar voor geschoven. Wij willen een feminisme dat steunt op een klassenbasis omdat we ons zeer bewust zijn van het feit dat vrouwen en zeker vrouwen afkomstig uit de migratie of gekleurde vrouwen, tot de meest uitgebuite sectoren van de werkende klasse behoren die bovendien het meest werken zowel binnen als buitenshuis.

In de VS was er discussie over het feit dat vrouwen oproepen tot staken, een oproep die is gericht op geprivilegieerde vrouwen. Jij hebt dat bestreden en ik denk niet dat deze discussie ook elders is gevoerd. Waren het alleen Hillary Clinton aanhangers van de Democratische Partij?

Beweren dat staken alleen geprivilegieerde mensen aanspreekt, is duidelijk absurd. Het is verschrikkelijk belerend en bovendien ahistorisch. Maar het interessante is dat het hier gaat over het typisch liberale discours over privilegies en over schuldgevoelens van witte mensen, dat gebruikt wordt om de arbeidersbeweging en de vakbonden aan te vallen.

Als je beweert dat staken een zaak is van geprivilegieerde mensen, dan suggereer je dat arbeiders en arbeidsters die vakbondslid zijn en meer in ‘t algemeen, arbeiders en arbeidsters die stakingsrecht hebben, ‘geprivilegieerd’ zouden zijn. Dit verbergt het feit dat arbeiders en arbeidsters vakbonden en sociale rechten hebben omdat ze risico’s namen en bereid waren hard te vechten voor deze rechten.

Bovendien verbergt deze bewering ook nog het feit dat migrantenvrouwen en gekleurde vrouwen in het verleden grote risico’s namen om te kunnen vechten voor hun rechten. Zij hebben geen lesjes nodig over wat ze al dan niet kunnen doen. Wat betreft feministische supporters van Hillary Clinton, Maureen Shaw stelde in haar artikel dat de vrouwenstaking aanviel, dat vrouwen beter een beroep konden doen op de Democratische congresleden.(1) Dat zegt genoeg over de echte redenen waarom men het had over ‘staking voor geprivilegieerde vrouwen’.

Heb je ideeën over hoe het nu verder kan gaan?

In de VS werken we verder met onze nationale sociale coalitie aan het opbouwen van een sterke feministische deelname en aanwezigheid in de mobilisaties van immigranten vrouwen op 1 mei.

Algemeen gesteld, denk ik dat de feministische beweging contacten zou moeten leggen met brede sociale sectoren en een leidende kracht moet zijn in het opnieuw opbouwen van brede sociale bewegingen. Het zal natuurlijk afhangen van de capaciteit van links om nog bestaande seksistische vooroordelen te overwinnen. Als internationaal links niet begrijpt dat feministen nu het voortouw nemen en dit feit niet op waarde schat – waarbij links zichzelf ook dienovereenkomstig moet veranderen – zou ze zichzelf en de hele werkende klasse een slechte dienst bewijzen.

Noot:

1) Zie Maureen Shaw https://qz.com/924575/womens-strike-2017-a-day-without-a-woman-is-going-to-be-mostly-a-day-without-privileged-women/. Zie ook het antwoord door Tithi Bhattacharya en Cinzia Arruzza in The Nation, 7 maart 2017 “When Did Solidarity Among Working Women Become a ‘Privilege’?”. Over hetzelfde onderwerp van de geprivilegieerden, Elle, februari 15, 2017, Winnie Wong “Go Ahead and Strike, but Know That Many of Your Sisters Can’t” en een reactie hierop in The Nation, Februari 24, 2017 door Magally A. Miranda Alcazar en Kate D. Griffiths “Striking on International Women’s Day Is Not a Privilege”.

Penelope Duggan is lid van de leiding van de Vierde Internationale en redacteur van International Viewpoint. Cinzia Arruzza is een feministische en socialistische activiste en docent filosofie aan de New School for Social Research in New York. Zij is de auteur van het boek Dangerous Liaisons: The Marriages and Divorces of Marxism and Feminism.

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op Interntional Viewpoint. Nederlandse vertaling: Marijke Colle.

Print Friendly, PDF & Email
Share This