Arbeidsrechten eerste doelwit van patron Macron

Een van de eerste prioriteiten van de nieuwe Franse president Emmanuel Macron is een ‘hervorming van het arbeidsrecht’, politieke codetaal om te zeggen dat er nieuwe aanvallen komen op de werknemers en de vakbonden. Hij maakte daarvoor al de goede keuzes door Muriel Pénicaud te kiezen als minister van arbeid. Ze verdiende haar sporen in het human resources management van o.a. Danone en Dassault. Pénicaud volgt El Khomri op die samen met Macron de Loi Travail schreef onder Hollande.

De verontwaardiging over de Loi Travail gaf aanleiding tot de grote protestbeweging Nuits Debout, maar die hervorming wordt door de bedrijfsleiders toch als te zwak beschouwd. Macron wil dit nu bijsturen, en wel in de kortste keren; de hervorming van het arbeidsrecht moet de eerste stap worden van een meer omvattend plan van sociaal-economische hervormingen, waaronder ingrepen in de werkloosheidsreglementering, de pensioenen en een verlaging van de belastingen en sociale bijdragen voor de bedrijven.

De eerste slag wordt dus gevoerd rond het arbeidsrecht. Macron wil geen tijd verliezen in het Parlement en kondigde al tijdens zijn verkiezingscampagne aan daarvoor te zullen werken via volmachten (‘ordonnances’) (1) want hij wil zijn hervormingen rond hebben “voor het eind van de zomer”.

De voorgenomen plannen behelzen drie domeinen:

  1. Aanval op de vakbonden door bedrijfsakkoorden voorrang te geven op sectorakkoorden; een van de belangrijkste solidariteitmechanismes waarover vakbonden beschikken is precies het afsluiten van akkoorden voor de hele sector, of zelfs interprofessioneel. Daardoor genieten ook werknemers in kleinere bedrijven van de slagkracht in de grotere. “Weg daarmee”, zegt Macron. Het verschil met de Loi Travail is dat deze laatste het alleen had over de arbeidstijd; ook lonen en andere bepalingen zouden voor Macron dezelfde weg moeten volgen.
  2. Plafonnering van de schadevergoeding (‘indemnités prud’homales’) bij ontslag zonder geldige reden . In het huidige systeem is er geen wettelijke bovengrens voor de bedragen die arbeidsrechters kunnen opleggen. Bedrijven beklagen zich dat ze daardoor geen goede inschatting kunnen maken van de prijs van afdankingen.
  3. afbouw van de structuren voor vertegenwoordiging van het personeel in de bedrijven. In plaats van een ondernemingsraad, een comité voor veiligheid en hygiëne en het systeem van personeelsvertegenwoordigers wil Macron één structuur.

Dit zijn de grote assen, maar de patrons brengen allerlei wensen naar voren, nu er ook in het Elysée een nieuwe patron is die hen meer dan gunstig gezind is. Zo is er bijvoorbeeld sprake van de mogelijkheid dat een ondernemer een referendum organiseert in het bedrijf; dat kan heel nuttig zijn als zelfs een afgeslankte personeelsvertegenwoordiging zich tegendraads zou opstellen.

Een ander dossier betreft de paar tegemoetkomingen die in het verleden waren gedaan aan werknemers met zware, pijnlijke arbeidsvoorwaarden.Vanuit ondernemerszijde wordt aangedrongen op de opheffing van C3P, de “compte personnel de prévention de la pénibilité“. Dit is een soort individuele fiche waarbij punten toegekend worden in functie van de zwaarte van het werk (nachtwerk, lawaai, wisselende ploegen, repetitief werk, chemicaliën…).

Men kan tijdens zijn carrière een maximum van 100 punten verwerven, die dan kunnen ingeruild worden voor een aantal opties:1 punt voor 25 uur vorming (2), 10 punten voor een trimester halftimewerk maar fulltime betaald, vervroegde pensionering, enzovoort.

Macron heeft tijdens zijn verkiezingscampagne op ondernemersbijeenkomsten gezegd dat hij het systeem wil ‘opschorten’, en de patrons herinneren hem nu aan zijn belofte. “Er zouden in 2018 wel eens via het C3P-systeem 18.000 werknemers vervroegd op pensioen kunnen gaan!”, roepen ze gealarmeerd, “het ogenblik is gekomen voor wat meer pragmatisme”.

Het wordt nu misschien al wat duidelijker waarom de Europese leiders en de EU-propagandisten in het algemeen zo jubelden bij het aantreden van de nieuwe bewoner van het Elysée. Macron is een rasechte ‘Europeaan’, begaan met de hoogste Europese waarden van vrij ondernemerschap, competitiviteit en privéwinsten.

Zou de kennis van het Frans van John Crombez, de voorzitter van de Vlaamse sociaal-democraten, dan zo gebrekkig zijn dat hij op het Europa-congres van zijn partij zijn medewerking beloofde aan de ‘progressieve Macron’?

Noten:

1) Voor de Loi Travail werd een andere kunstgreep gebruikt, het grondwetsartikel “49.3”. Hier meer over het onderscheid.

2) Noteer dat beroepsgerelateerde vorming, in feite een plicht voor de ondernemer, hier door de werknemer moet ‘verdiend’ worden door het presteren van zware arbeid…

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op Ander Europa.

Print Friendly, PDF & Email
Share This