De opmerkelijke campagne van Jeremy Corbyn

DV2066381Tussen 14 augustus en 10 september vinden er voorzittersverkiezingen plaats in Groot-Brittannië binnen de Labour-partij. Sinds de campagne van Jeremy Corbyn in stijgende lijn gaat en hij als linkse kandidaat effectief het leiderschap in handen kan krijgen, is het paniekvoetbal alom bij de rechtervleugel van diezelfde partij. Ex-premier Tony Blair roert zich als een duveltje in een wijwatervat en bezweert de leden van Labour om zeker niet op Corbyn te stemmen. Het zware geschut wordt boven gehaald door het establishment van Labour. Op 12 september weten wie gewonnen heeft. De giftige reacties van Blair en Co zijn eerder wanhoopspogingen. Hieronder een beschouwing van Socialist Resistance, onze Engelse zusterorganisatie, die deel uitmaakt van Left Unity (redactie SAP-Rood)

De campagne van Corbyn is een opmerkelijk fenomeen. Hij heeft een zeer goede kans om het voorzitterschap van Labour te bekomen, tenzij het Labour-establishment het tij nog kan keren de volgende weken.

Zoals de zaken er nu voor staan is het tij met hem. De leiding van Labour zijn net konijnen die naar een lichtbak kijken. Een groot aantal mensen, vooral jonge mensen, sluiten aan bij zijn kampanje en mensen stromen massaal toe op zijn bijeenkomsten en kampanje-evenementen. Velen schrijven zich in bij Labour als geregistreerd aanhanger of als geaffilieerd aanhanger via hun vakbonden (op het einde van juni bedroeg het aantal geregistreerde aanhangers: 9.115, geaffilieerde aanhangers: 3.788 terwijl het aantal echte leden ook aanzienlijk was toegenomen sinds de algemene verkiezingen).

De steun van binnen de grote vakbonden voor Corbyns kandidatuur was buitengewoon.

Labour is altijd verschillend geweest dan veel van zijn mede-sociaaldemocratische partijen door de directe band met de vakbonden. Veertien vakbonden zijn geaffilieerd, en historisch gezien neigden zij als een blok te handelen tegen links en het establishment van de partijleiding te steunen. Maar de twee grootste met de partij geaffilieerde vakbonden–Unite en Unison – ondersteunen nu beide Corbyn.

Unite, dat wordt geleid door Len McCluskey, was geen speciale verrassing, vermits de vakbond een meer linkse koers ging varen de afgelopen jaren, maar de nominatie van Corbyn door Unison was een opmerkelijke verandering in de situatie. Unison is een grote vakbond in de openbare sector die zich verbaal sterk verzette tegen besparingen en het snoeien in uitgaven en diensten, maar die zelden in actie kwam. Op een bepaald moment in het recente verleden had Unison het grootst aantal leden binnen de Labourpartij en meer dan één derde van zijn meer dan een miljoen leden staan op hun ‘Labour Link’ mailinglijst. Een onderzoek dat werd uitgevoerd naar de verkiezingen door de leiding in 12 regio’s van Unison gaf aan dat negen van hen de nominatie van Corbyn wilden.

De Communication Workers Union is ook een grote nationale vakbond met meer dan 200.000 leden. Zij nomineerden niet enkel Corbyn, maar de Algemeen Secretaris, Dave Ward, postte iets op YouTube om hun leden te motiveren zich te registreren om op Corbyn te stemmen, op grond van zijn politiek en om aan te geven dat Labour een beweging naar links en tegen het besparingsbeleid moet maken.

Corbyn verkreeg ook nominaties van verschillende kleine vakbonden, zoals de Bakers Union, de transportvakbond TSSA en de treinbestuurdersbond ASLEF, terwijl de andere grote groep, de algemene vakbond GMB, niet akkoord ging om te stemmen voor een van de vier andere kandidaten, een tegenslag voor de rechterzijde.

Nu we de einddatum voor steunnominaties naderen, zien we dat Corbyn een zeer grote voorsprong heeft op zijn rivalen bij de lokale partijafdelingen (Consituency Labour Parties, CLP’s) met meer dan 130 nominaties (van de meer dan 600) vergeleken met de ongeveer 100 voor de andere uitdagers.

Corbyn zijn campagne behaalde succes op drie terreinen: traditionele partijleden die georganiseerd zijn in kiesdistricten, vakbondsleden en nieuwe, waaronder enorm veel jonge, leden en aanhangers van de partij. Dit is een grondige radicaliserende ontwikkeling, naar wie de stemmen ook naar toe gaan.

Als Corbyn wint en inzet op een anti-besparingsrichting dan zullen belangrijke nieuwe mogelijkheden zich aandienen, met inbegrip van een splitsing door de aanhangers van Blair. Als hij verliest, dan heeft hij een hele boel jonge mensen en vakbondsactivisten aangemoedigd en geradicaliseerd, en links versterkt binnen de Labour Party, en linkse druk uitgeoefend op wie dan ook wint.

Tony Benn mislukte in 1981 om het leiderschap van de Labour Party binnen te halen (alhoewel dit met een kleine marge was) na een massale campagne met een grote  en levendige Labour linkerzijde, en met een brede en militante vakbeweging,  in een periode van industrieel militantisme. Nu staat Corbyn in de spits om het leiderschap van Labour te winnen met een (min of meer) onbestaande georganiseerd linkerzijde in Labour, een zeer zwakke vakbeweging en historisch lage stakingsniveaus.

4000Sommige van de aangehaalde factoren zijn duidelijk. Labour verloor een verkiezing die het duidelijk had moeten winnen – en de reden dat ze die verloor was omdat het eindigde met de besparingsagenda van de Tory’s over te nemen. Hierop volgde de hemeltergende beslissing door Harriet Harman (1) om geen verzet te bieden tegen Osborne’s (2) budget (wat erin resulteerde dat haar positie langs links werd overgenomen door de Lib Dems en de Unionistische partijen). Al de andere uitdagers voor het leiderschap van Labour steunden haar hier niet enkel in, maar verzonken verder in de agenda van de Tory’s door op de lijn verder te gaan dat Labour de verkiezingen had verloren omdat de campagne te links was geworden en dat ze  de progressieve maatregelen die ze naar voor schoof, nu zouden moeten laten vallen.

Overtuigingspolitiek speelt hierin een rol. Mensen van binnen of buiten de Labour Party vinden het een verfrissende wind dat er nu iemand is in de strijd voor het leiderschap van Labour die zegt wat zij menen  en meent wat zij zeggen, op een niet egoïstische manier.

Het is duidelijk dat de Schotse politiek ook deel uitmaakt van deze ontwikkeling, niet alleen de radicaliserende invloed van het onafhankelijkheidsreferendum, en de opgang van de SNP (3), maar ook de rol van de SN- parlementsleden sinds de verkiezing. Zij zijn in feite de echte oppositie tegen de Tory’s, zoals blijkt uit de stemming tegen besparingen in de uitkeringen, toen de 55 SNP-stemmen de 47 stemmen van de Labour parlementsleden, aangevoerd door Corbyn en die de leiding van Labour voor schut zette, ver te boven gingen.

De recente “maiden speech” in het parlement door het nieuwe SNP parlementslid Mhairi Black, met haar 20 jaar het jongste parlementslid in eeuwen, daagde Labour uit zich te verzetten tegen de besparingen in de uitkeringen door de Tory’s. Zij verklaarde ook dat Tony Benn een van haar helden was.

De YouTube-video van die toespraak werd een van de meest bekeken parlementaire toespraken in Groot-Brittannië ooit, met miljoenen hits, waarvan vele door jonge mensen.

Enkele maanden geleden leek het onwaarschijnlijk dat Corbyn zelfs maar op de kieslijst zou staan. Hij verkreeg de noodzakelijke 35 nominaties van parlementsleden slechts op twee minuten voor de nominaties binnen moesten zijn, nadat enkele parlementsleden van de rechtervleugel hem nomineerden, op het eerste gezicht met de bedoeling Andy Burnham de kans te geven zich te presenteren als een kandidaat van het midden, in plaats van de uiterst linkse persoon in de race.

Van diegenen die Corbyn nomineerden stemden slechts 18 tegen de besparingen. De kloof tussen de parlementaire partij en het basislidmaatschap in de vakbonden en de partij in zijn geheel is gigantisch. Een Labour-leiding rond Corbyn zal moeten vechten om de vergaderruimte van het Shadow Cabinet te vullen met zijn handvol aanhangers in het parlement, en er is een gevaar dat hij een gijzelaar wordt van de parlementaire partij als hij zijn aanhangers niet op een grotere schaal in de partij breed en wijd organiseert.

Terwijl links in de Labour Party een sterk verenigde uitdaging heeft gecreëerd, lijkt de rechtervleugel in wanorde, met beschuldigingen over en weer en verzinken zij in kinderachtige beschuldigingen zoals elkaar in het publiek uitmaken voor ‘mongolen’. Parlementsleden van de rechtervleugel spreken openlijk over een ‘staatsgreep’, die een leiderschap van Corbyn omverwerpt door de parlementaire partij alleen, of zelfs over een opsplitsing , gemodelleerd op de stichting van de kortlevende Social Democratic Party (SDP) in de jaren ’80 (niet echt een glorierijk  voorbeeld om na te apen).

Dit wil niet zeggen dat alles wat Jeremy Corbyn zegt juist is. Hij lijkt niets te zeggen te hebben over het milieu of over de verkiezingshervorming, wat toch belangrijke thema’s zijn sinds de vorige verkiezing.

Hoe dan ook, een overwinning van Corbyn, of nipt tweede eindigen, zou voor heel links een overwinning zijn. Het kan de politieke situatie in Groot-Brittannië openbreken en een heleboel mensen radicaliseren-in het bijzonder jonge mensen. Of de Labour Party nu wel of niet splitst, het schept totaal nieuwe voorwaarden voor de anti-besparingspolitiek in Engeland.

Left Unity heeft de campagne van Corbyn terecht van in het begin verwelkomd en het belang en de progressieve dynamiek er van begrepen.

De voorwaarden voor het creëren van een nieuw links alternatief in Groot-Brittannië bestaan nu meer dan ooit. Een sleuteltaak voor de komende periode zal zijn om al die krachten te verenigen die geloven in het zich verzetten tegen besparingen, en klimaatverandering en die zich verzetten tegen de Tory-regering en de uitvoering van de neoliberale consensus. Een wijziging in de leidingvan Labour kan een massaal effect hebben, maar o echt betekenisvol en duurzaam te worden is er ook nood om dit te verbreden en te verbinden met de miljoenen mensen die op de Green Party, SNP of Plaid Cymru (of kleinere socialistische groepen)  hebben gestemd tijdens de laatste verkiezingen, zij die Left Unity steunen, en vooral de miljoenen jonge mensen die zich verzetten tegen de bezuinigingen

Noten:

1) Zij was voorzitster  van de Labour Party vanaf 2010, minister voor Vrouwenzaken en voorzitster van het Britse Lagerhuis. Nadien nam Ed Miliband de post over                                     2) Conservatief Minister van financiën
3) Scottisch Nationalist Party, links nationalistisch

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op Socialist Resistance. Nederlandse vertaling: Bruno De Wit

Print Friendly, PDF & Email
Share This