Het nieuwe Turkije

turkTurkije gaat naar de stembus. Op zondag 30 maart kunnen 52 miljoen mensen een stem uit brengen voor burgemeesters, districts- en gemeentebesturen. Deze verkiezingen krijgen steeds meer het karakter van een referendum. Vooral premier Erdogan is hier verantwoordelijk voor.

Op zijn minst sinds de militaire coup in 1980 is de Turkse politiek niet zo gepolariseerd als nu, nadat op 17 december 2013 gelekte telefoongesprekken enorme corruptie onder de aandacht brachten.

Het machtsblok dat al meer dan tien jaar Turkije bestuurt vertoont scheuren. De gelekte telefoongesprekken en de pogingen van de regering om de onthullingen tegen te gaan kwamen tijdens de spanningen voor de komende verkiezingen. Het corruptieschandaal brak uit terwijl er behoorlijke politieke onrust was. De Gezi beweging die in mei 2013 begon met de acties in het Gezi park en die op verschillende manieren voortleeft, en de jarenlange strijd van de Koerden en het vredesproces met de Koerdische beweging bepalen de politieke discussies. De gevestigde media probeerden deze ontwikkeling te negeren maar waren daar niet toe in staat.

De Koerdische beweging is er door sommigen van beschuldigd de Gezi-beweging niet actief genoeg gesteund te hebben, terwijl Gezi soms het verwijt kreeg een apolitieke bezigheid van de middenklasse te zijn. Maar de rellen in de zomer van vorig jaar droegen wel degelijk bij aan het versterken van de banden tussen sociale bewegingen. Het gaat niet alleen om het verbinden van bewegingen in verschillende regio’s, in het westen en het oosten van Turkije, maar ook van generaties, om het verbinden van de strijd van de gepolitiseerde arbeiderswijken met die van nog maar pas actief geworden demonstranten rond Gezi. Dat via Twitter deelnemers aan Gezi hun steun uitspraken voor de in de media doodgezwegen Koerdische beweging was van grote symbolische waarde. Zij lieten blijken zich er bewust van te zijn hoe hen informatie ontzegd wordt over wat er gaande is in het oosten van Turkije.

Het is echter niet alleen de Koerdische beweging die geen aandacht krijgt in de media. In het centrum van Istanboel worden arbeiderswijken al jarenlang bedreigd door zogenaamde stadsverbeteringen die de huidige inwoners verdrijven. Al jaren lang strijden zij hiertegen. Deze wijken, in het bijzonder Armutlu, Okmeydani, 1 Mayis, en Gazi verkeren al sinds de jaren ‘90 in een soort staat van beleg. De politie valt inwoners systematisch lastig, de goed georganiseerde bevolking verzet zich en botst met de ordediensten. Dit zijn arbeiderswijken, maar ook wijken met grote aantallen Alevieten, Koerden en linkse mensen.  De moderne geschiedenis van Turkije wordt gekenmerkt door  de systematische onderdrukking van etnische en religieuze minderheden en hun gedwongen verhuizingen en toont hoe er verbanden zijn ontstaan tussen klassenidentiteit en etnisch-religieuze identiteit.

Deze wijken zijn maar al te bekend met politiegeweld. In maart 1995 werden in de Gazi-wijk 23 mensen gedood bij botsingen met de politie nadat drie koffiehuizen door ‘onbekenden’ waren aangevallen. Dit bloedvergieten is nog steeds een belangrijke mijlpaal. De bevolking van deze wijken verzet zich ook al langer tegen de aanwezigheid van drugshandelaren die samenwerken met corrupte politieagenten. In deze strijd krijgen zij geen hulp van de politie maar van enkele linkse organisaties.

De Gezi beweging bestaat niet alleen uit de acties ter bescherming van het Gezi park, het gaat ook om de verbanden tussen de strijd tegen de onderdrukking, politiegeweld en corruptie die in heel Turkije voorkomen. In de zomer van 2013 werden acht jongeren gedood tijdens de protesten; drie van hen kwamen uit deze wijken en allemaal waren ze Alevieten. Dit is geen toeval maar een weerslag van de sociale realiteit.

Op 12 maart werd Berkin Elvan begraven in Okmeydani. Deze vijftienjarige jongen had 269 dagen in coma gelegen nadat zijn hoofd was geraakt door een traangasgranaat. Zijn begrafenis werd bijgewoond door een zeer diverse menigte van honderdduizenden en werd met bruut geweld aangevallen door de politie. Elvan was op weg om brood te kopen toen hij geraakt werd. Hij leefde zijn hele leven in Okmeydani en zijn begrafenis maakte de situatie in zijn buurt voor veel andere mensen in Istanboel  zichtbaar.

In plaats van zijn familie te condoleren noemde Erdogan de jongen tijdens verkiezingstoespraken een terrorist. Erdogan is tegenwoordig in verschillende gevechten verwikkeld. De religieuze Gulen beweging heeft zich tegen Erdogan’s AKP gekeerd en daarnaast zit hij met het probleem dat het traangas en de waterwerpers de protesten niet stoppen.  De gelekte opnames tonen niet alleen Erdogan’s corruptie maar ook zijn obsessieve pogingen om alles te controleren, van de media en voetbal tot sociale huisvesting.

Ook al zijn het districts- en gemeentelijke verkiezingen, premier Erdogan is veel meer zichtbaar dan de lokale kandidaten. Dagelijks spreekt hij op verkiezingsbijeenkomsten waar hij de spanningen verder opjaagt. Het gevecht vindt niet alleen plaats met woorden, traangas en waterwerpers maar ook door middel van wetten – niet alleen door mensen die onderzoek doen naar de corruptieschandalen over te plaatsen maar ook door het voorstellen van een nieuwe wet op internet in de vorm van een ‘pakketvoorstel’. De wet die regulering van internet zou faciliteren is onderdeel van een breed pakket met voorstellen over bosbeheer, jagen, de import van LPG gas, samenwerking van de staat en de private sector in de gezondheidszorg et cetera – dit pakket kan alleen in zijn geheel worden aangenomen of afgewezen.

Dit soort voorstellen is onder de regering Erdogan de norm geworden. Het voorstel met betrekking tot internet zou het Directoraat Communicatie van het Ministerie voor Communicatie de bevoegdheid geven om binnen 4 uur websites te blokkeren. Een reeks websites is al geblokkeerd en daar werden recent Youtube en Twitter, twee manieren waarop nieuws over de corruptieschandalen wordt verspreid, aan toegevoegd.

De voornaamste oppositiepartij, de Cumhuriyet Halk Partisi (CHP, de Republikeinse Volkspartij) heeft er veel aan bijgedragen om de verkiezingen een referendum over Erdogan te maken. De CHP kandidaten in de belangrijkste steden zijn bepaald niet links of sociaaldemocratisch. De CHP probeert juist het hele politieke spectrum aan te spreken. Hun kandidaten zijn ervaren plaatselijke kandidaten die zich bedienen van populistische retoriek. Naast hun traditionele supporters en van een meer liberaal deel van rechts krijgt de CHP dit keer steun van mensen die weinig sympathie hebben voor hun politieke ideeën. Deze mensen hopen dat de CHP de AKP kan blokkeren.

De andere belangrijke partij is de nieuw opgerichte HDP, de Democratische Partij van de Volkeren – een zusterorganisatie van de BDP die actief is in de Koerdische beweging. De HDP zegt voort te bouwen op de Gezi-beweging en alle volkeren in Turkije te willen vertegenwoordigen.

Ondanks alle lekken, corruptieschandalen en de woedende uitvallen van de premier laten recente peilingen een groei van steun voor de AKP zien. Volgens een peiling van het bekende onderzoeksbureau KONDA onder meer dan 3000 mensen op 23 maart zou de AKP 46 procent van de stemmen krijgen, de CHP 27, de rechtse Nationalistische Actie Partij (MHP) 15 en de BDP 7 procent. In de vorige plaatselijke verkiezingen kreeg de AKP 38 procent van de stemmen.

Als die peiling correct blijkt zal de nieuwe regeringstermijn van de AKP een nog sterker autoritair karakter krijgen en de oppositie zal nog meer onder vuur liggen. De banden tussen de verschillende bewegingen die sinds zomer 2013 vorm kregen in de straten van Istanboel tot Diyarbakir, van Okmeydani tot Kadikoy zullen niet teniet worden gedaan door de verkiezingen. Wat Erdogan ‘het nieuwe Turkije’ noemt is eigenlijk een Turkije dat door deze bewegingen zal veranderen. Een nieuwe golf rellen en protesten in de aanloop naar de eerste verjaardag van Gezi hoeft niet als een verbazing te komen.

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op Grenzeloos

 

Print Friendly, PDF & Email
Share This